- NHD/Haarlems Dagblad 28 okt 2011
- Recensent: Margriet Prinssen
Knap getimede boulevardklucht

In Stookolie & Sangria slaat Toneelgroep Het Volk een nieuwe weg in. Niet het mannelijk onvermogen maar het relationele onvermogen staat nu centraal. De kleine, wederzijdse irritaties vormen een bron van herkenning en leiden soms tot grote hilariteit.
Twee vrouwen komen min of meer per ongeluk terecht in een afgelegen appartement ergens aan de Costa del Sol, met hun respectievelijke partners. Het verschil tussen beide is levensgroot: Guikje (Karlijn Kruijver) is een tikje ordi, met iets te strakke en te korte zuurstokroze jurk en voor aan het strand een gewaagd badpak met panterprint. Een spontane, volkse meid, niet al te snugger, in voor alles zolang het maar gezellig is. Claire (Minke Kruijver) is duidelijk afkomstig uit een goed milieu, ze weet zich te kleden en in haar beautycase zitten alleen de dure merken. Maar ze is ook enorm nuffig en pinnig. Ze hebben één ding gemeen: in beide gevallen bedraagt het leeftijdsverschil tussen de vrouwen en hun partners een jaar of dertig.
In Stookolie & Sangria -de titel belooft weinig goeds- slaat Toneelgroep Het Volk een nieuwe weg in. Waar decennialang het mannelijk onvermogen in al zijn facetten centraal heeft gestaan in hun rijke oeuvre, is de kern nu verschoven naar het relationele onvermogen of zo men wil: het menselijk onvermogen. En ook dat blijkt niet gering.
Het is niet voor het eerst dat de getalenteerde dochters van Wigbolt Kruijver op het toneel staan in een Volkvoorstelling. In Oidipoes (2008) waren zij ook al samen te zien, in De Opportunist (2009) stond alleen Minke op de planken, naast de vertrouwde mannen die de kern vormen van Het Volk. Het is wel voor het eerst dat zij een wezenlijk andere dimensie toevoegen. Tot nu toe was de vrouw vooral aanwezig als een ver en vreemd wezen waarnaar in de eenzame mannenwereld slechts reikhalzend maar vergeefs kon worden gesmacht; nu zijn het zeer aanwezige wezens van vlees en bloed.
Een aantal vaste Volk-ingrediënten is ondanks de andere toon en sfeer nog steeds sterk aanwezig: de onbekommerde wijze waarop men zich in de nesten weet te werken; de taal, niet zo archaïsch en vol vondsten als in vroegere stukken, maar scherp toegesneden op de sociale conventies, en de humor. Hilarisch om te zien hoe de vier personages telkens andere verbintenissen aangaan: bij de minste of geringste dreiging vormen de stellen weer één front of zweren de mannen samen tegen de vrouwen.
Telkens verschuift de balans van sympathie en antipathie. Zelfs Guikje en Claire, hoe verschillend ook, blijken bondgenoten te kunnen worden. Karlijn en Minke Kruijver slagen er uitstekend in om tegenwicht te bieden tegen de routiniers: Karlijn is ontroerend en een beetje triestig, met al haar goede bedoelingen en haar onnozele optimisme; Minke kan prachtig stuurs kijken en genadeloos haar frustraties afreageren op haar man. Of wie er dan ook maar in de buurt is.
Het verhaal is meer een kapstok dan een heus drama; de tegenslag ligt er zo dik bovenop dat het onwaarschijnlijk wordt, maar who cares? Niet voor niks noemt het gezelschap Stookolie & Sangria zelf een boulevardklucht. Een lichte komedie, knap getimed en precies geacteerd. De kleine, wederzijdse irritaties vormen een bron van herkenning en leiden soms tot grote hilariteit.

