• De Volkskrant 14 jan 2011
  • Oordeel:
  • Recensent: Patrick van den Hanenberg

Blessuretijd is een topprogramma geworden

Daniël Arends maakt van theater intieme kroeg met pooltafel

'Iets meer theater, iets minder Toomler', was het verzoek van recensent Merijn Henfling in deze krant na het zien van Geen Excuses van Daniël Arends in 2009. Met zijn derde programma Blessuretijd bedient Arends de criticus op zijn wenken. Daarbij heeft Arends de stand up-kwaliteiten die we kennen van zijn optredens in comedyclub Toomler en zijn eerste twee shows - intelligente grappen en soepel contact met het publiek -verder aangescherpt. Dan is er maar één logische conclusie: Blessuretijd is een topprogramma.

Pontificaal in het midden van het podium staat een pooltafel. Arends schuift wat ballen in de pockets en citeert darter Raymond van Barneveld. Als hij een triple 20 moet gooien, heeft hij alleen triple 20 in zijn hoofd. Daarmee is Van Barneveld bewonderend-cynisch tot 'de grootste niet-denker van de eeuw' gepromoveerd, maar die open deur is wel het wezen van concentratie. Publiek verdwijnt langzaam uit beeld en de ogen zijn puur op het bord gericht. Of op de ballen en de pockets in het geval van Arends. Of op de bus die een voetganger dreigt te vermorzelen, maar die nog net wordt gered door een uiterst geconcentreerde voorbijganger.

Daniëls - geboren in Jakarta en opgegroeid in een chic gezin uit Het Gooi - filosofeert en grapt zich een weg door de avond. Soms lijkt hij meer met zichzelf bezig dan met het publiek, zeker als hij quasi arrogant laat merken meer dan tevreden met zichzelf te zijn. De harde grappen vertelt hij met oosterse charme. Deze methode werkt verrassend bindend met de zaal.

Als een echte stand-up comedian fileert hij suffigheden als curling, reisprogramma's op tv, het beroep van postbode en het afvoerputje-baantje van de televisie: tafelheer in De Wereld Draait Door: 'Als het stil is, dan zeg je: 'Dat vind ik ook'.'

Maar Arends heeft de lat dit keer veel hoger gelegd. Niet alleen door een kop en een staart aan zijn betoog te knutselen - dat lukt eigenlijk altijd door een verhaal in twee stukken te hakken en strategisch uit te serveren - maar vooral door slim zijn opvattingen over ambitie en wat een goed karakter is door diverse verhalen heen te vlechten.

De hoofdstukjes krijgen een uitroepteken als Arends even de rust neemt om weer wat ballen in de pockets te stoten. Daardoor krijgt het programma iets heel intiems. Het theater als kroeg. Arends heeft de ideale verhouding gevonden tussen stand up comedy en cabaret om anderhalf uur te boeien.

nieuwsbrief

Meldt u hier aan voor de nieuwsbrief en blijf op de hoogte van kortingsacties, ingelaste voorstellingen, recensies en het maandprogramma.